Open brief aan Provinciale Staten inzake de RGL
De provincie heeft recent twee nieuwe stukken gepubliceerd inzake de vervoerwaarde en de beheer- en onderhoudskosten van de RGL.
Hieruit blijkt dat de RGL bij lange na niet meer voldoet aan de belangrijkste uitgangspunten van het project, en dat het resterende busnet met nog eens 30% moet krimpen. Reden voor Rover Holland Rijnland om een open brief aan Provinciale Staten te sturen met het dringende verzoek om alvorens tot daadwerkelijke uitvoering over te gaan een moment van bezinning in te bouwen.
Open brief aan Provinciale Staten van Zuid-Holland
d.d. 6 december 2008
Provincie kraakt eigen RGL-plannen
Busnet wordt slachtoffer
Op 10 december neemt u een beslissing over de tweede Bestuursovereenkomst met de gemeente Leiden over de RijnGouwelijn. Als begeleidende stukken heeft Gedeputeerde van Dijk de notities ‘Vervoerwaardecijfers RGL’ en ‘Budgetinformatie beheer en onderhoud RijnGouwelijn’ uitgebracht, waarin ‘meer nauwkeurige en meer realistische uitkomsten van de berekening’ worden gepresenteerd. Met deze notities werd een toezegging gehonoreerd die G.S. hadden gedaan bij de behandeling van het ‘besluit’ tot gebruik van doorzettingsmacht op 17 oktober 2007, dit naar aanleiding van de kritiek van de Randstedelijke Rekenkamer op de gebrekkige financiële onderbouwing van de provinciale plannen.
Uit de eerste notitie (p. 5) blijkt, dat het negatieve exploitatiesaldo van de (volledige) RGL thans op € 13,0 miljoen wordt geraamd, € 6,8 miljoen hoger dan in 2005 (pag 3). Gedeputeerde Van Dijk wil dit oplossen door het negatieve exploitatiesaldo bij de bussen (na volledige komst RGL) te reduceren met € 7,3 miljoen tot € 17,9 miljoen. De exploitatie zou € 5,2 miljoen lager uitkomen dan in 2005 geraamd, terwijl de opbrengst € 2,1 miljoen hoger zou worden, zie de staatjes op blz. 3 en 5. Er zouden dan met minder bussen meer passagiers moeten worden vervoerd dan in 2005 werd aangenomen.
Gedeputeerde van Dijk noemt in zijn notitie de aanpassingen van het busnet in verband met de komst van de RGL en schat dat er maximaal 5 mln. euro kan worden bespaard in de exploitatiebijdrage, hetgeen ten goede kan komen aan het tekort op de RGL. Deze besparingen zijn echter al verwerkt in de nota Saldo-effecten RGL uit 2005, waarbij de kosten van het busnet (na realisatie RGL) werden teruggebracht van 54,2 mln naar 45,8 mln euro (en de opbrengsten van 25,5 mln naar 20,6 mln euro). Deze besparingen kunnen niet een tweede keer worden ingevoerd.
In de notitie vervoerwaarde cijfers RGL staat op blz 5:
“Daarbij is het zo dat de RGL geen centrale ligging heeft in het vervoergebied. De samenhang tussen de bus en de light rail is in vervoerkundig zin relatief beperkt. Met andere woorden, het laten feederen van de bus op de RGL zal, zeker in het gebied ten oosten van Leiden, in de praktijk beperkt zijn. De samenhang zal relatief het hoogst zijn op de corridor (Noordwijk-)Katwijk-Leiden.”
Dit sluit aan bij wat Rover altijd heeft beweerd, maar staat haaks op de uitgangspunten van nut en noodzaak van de RijnGouwelijn. Gedeputeerde van Dijk kraakt hiermee de eigen RGL-plannen.
Nu ook de provincie stelt dat er nauwelijks samenhang is tussen de RGL en het busnet dient het busnet op zijn eigen merites te worden beoordeeld. Het is dan ook volstrekt onverantwoord om nog eens 7,3 mln euro aan de exploitatiebijdrage van het reeds aan de komst van de RGL aangepaste busnet te onttrekken; het gaat om bijna 30%.
Wanneer dit de uitgangspunten worden bij de aanbesteding van het busvervoer, valt te voorzien dat de aanbesteding mislukt. Het is de vraag of er in 2011 dan nog bussen rijden in de regio.
De huidige vervoerder heeft trouwens nu al grote moeite om met de beschikbare middelen een goed busnet overeind te houden. Zoals bekend zijn er aanzienlijke protesten tegen het verdwijnen van bus 42 bij de nieuwe dienstregeling. Maar daarnaast wordt het lokale vervoer binnen Katwijk uitgekleed, en wordt de belangrijke lijn Alphen-Schiphol (waar onlangs een rijksbijdrage voor is verkregen om doorstroombevorderende maatregelen te treffen) in de ochtend van een kwartierdienst teruggebracht tot een halfuurdienst, en komen de 2 vroegste ritten te vervallen..
Het is zeer de vraag of het tekort op de RGL tot € 13 miljoen per jaar beperkt blijft. De notitie ‘Budgetinformatie beheer en onderhoud RijnGouwelijn’ noemt nog twaalf aandachtspunten die het risico met zich mee brengen van hogere kosten. Daarnaast is in de vorige ramingen van de infrastructuurkosten de bijdrage aan Prorail voor het rijden op het hoofdspoor meegenomen, maar ontbreken deze in de huidige raming. Dat zal tot een extra tekort van minimaal € 1 miljoen leiden. Men moet niet raar opkijken wanneer het tekort zo uiteindelijk op € 17 miljoen per jaar uitkomt. Waar het extra geld vandaan moet komen is niet duidelijk.
Inmiddels wordt de kostendekkingsgraad van de RGL met 53% (bij het tekort van 13 mln) ook lager geraamd dan die van de bussen (56%). Hoewel wij verwachten dat deze kostendekkingsgraad bij de bussen niet reëel is, is het toch merkwaardig dat de provincie ruim 500 mln euro wil investeren (waarvan een groot deel uit eigen middelen) om een ten opzichte van de bussen minder efficiënt vervoermiddel te introduceren.
En verder stellen GS in het antwoord op Statenvragen (nr 2148 van 2008 vraag 2b) dat
“Ten aanzien van de concessie van de RGL staat het voorzieningenniveau min of meer vast (zie antwoord 2a). Verder zal de concessiehouder een kostendekkingsgraad van minimaal 60% moeten realiseren.”
Deze voorwaarde wordt nu kennelijk losgelaten
Er is voor de RGL nog geen schop de grond in gegaan. Nu de financiële perspectieven en de vervoerswaarde zoveel slechter uitkomen, en met de aanleg van de RGL de toekomst van het busvervoer op het spel wordt gezet, kunnen GS zich niet langer op eerder aangegane politieke commitments beroepen. Als volksvertegenwoordigers hebt u de plicht, zeker in het duale stelsel, GS te controleren. Dat betekent dat u op basis van de thans verstrekte informatie zich moet afvragen of de RGL nog wel zo’n goed idee is. Wij vragen u dan ook dringend om alvorens tot daadwerkelijke uitvoering over te gaan een moment van bezinning in te bouwen om de stand van zaken met de nu bekende zeer lage kostendekkingsgraad te vergelijken met de vele alternatieven voor de RGL die vanuit de Zuidhollandse bevolking naar voren zijn gebracht.
Paul Bordewijk, voorzitter
Hans van Dam, secretaris
06/12/2008, 16:30, link