Mens, plant en dier was al druk bezig zich op het komende voorjaar te richten, en toen gebeurde het dan tóch nog: Strenge vorst, met sneeuwbuien in het vooruitzicht! En prompt denkt half Nederland nog maar aan één ding: Schaatsen! Alle media lopen vol met dit onderwerp, en ik denk dat in Friesland bijna elk rayonhoofd is geïnterviewd, al lijkt een ‘tocht der tochten’ nog ver weg.
Tja, in dat mediageweld kan ik natuurlijk niet achter blijven.
Op naar de schaatsgekte, ver weg van Alphen aan den Rijn, in de schaatsgekke provincie Friesland van 40 jaar geleden!
Begin 1972 was ik bij Vroom & Dreesmann in Leeuwarden de trotse, én jonge, chef van de afdelingen Visserij, Camping, Speelgoed en Sport, praktisch de hele derde etage. In de bedrijfsleider, de heer Schuh, had ik (opnieuw) een manager gevonden die doorhad dat hij me vooral m’n gang moest laten gaan. Dát hebben personeel én klanten geweten! Ik denk niet dat één meubelstuk op zijn plaats is blijven staan, dat jaar. Gelukkig werkte het, qua omzet, allemaal zoals ik had gedacht. Want, misschien nú moeilijk voor te stellen, van de theorie van het mooie vak retailing wist ik, net als mijn collega’s, in die tijd helemaal niets! ‘Learning by doing”! En nét toen we, net bekomen van Sinterklaascadeaus en kerstballen, ons rustig dachten voor te bereiden op het nieuwe campingseizoen, gebeurde hetzelfde als nu. Niemand had er nog oog voor, de voorraad schaatsen stond te verstoffen in het magazijn, maar het ging vriezen en plotseling sloeg het schaatsvirus toe! Te beginnen bij uw blogger die niet wist hoe snel hij dat virus door de hele organisatie moest verspreiden. .
Al om elf uur ‘s ochtends hadden we de hele sportafdeling veranderd in de grootste schaatswinkel van de provincie. De ‘normale’ collectie was verdeeld over de speelgoedafdeling en de aangrenzende beddenafdeling. Wát we ook in Leeuwarden én in het centrale magazijn aan schaatsen in voorraad hadden, stond middenin, het personeel (al het personeel dat ik bij elkaar kon krijgen, in Friesland heeft eigenlijk iedereen wel verstand van schaatsen) stond daar omheen en in een wijde kring stonden tientallen nog onverkochte terrasstoelen voor de klanten. De ook zwaar besmette eerste verkoper speelde vliegende kiep zodat ik zelf de halve dag aan de telefoon kon hangen.
Van de inkoper in Groningen,ooit mijn baas, had ik namelijk toestemming zelf alle schaatsen te kopen die ik maar kon krijgen, mits ik een derde daarvan afleverde in ons filiaal in Sneek. Samen hadden we de logistiek manager zo gek gekregen om vanuit Groningen een vrachtwagen te sturen naar elke schaatsenfabrikant die ik aan de telefoon kreeg gekregen. Die nieuwe voorraden werden de hele dag door aangeleverd, geprijsd en Linéa recta naar de derde etage gebracht. Bedrijfsleider Schuh, ook geïnfecteerd, had geregeld dat nog diezelfde ochtend een etalage aan het Zaailand (stadshart) hals over kop werd omgebouwd in de ‘Elfsteden’ look, al was dat woord nog niet in zwang. Heel snel was het in heel Leeuwarden bekend (geen sociale media, en zelfs geen GSM te bekennen, in die tijd) dat er bij V&D “iets” gebeurde met schaatsen.
Het gevolg laat zich raden. Het dreigde een compleet gekkenhuis te worden, maar door de opstelling en de capaciteit op de afdeling was er voor iedereen een stoel en aandacht. Ook het feit dat we zichtbaar steeds nieuwe voorraden aanvoerden, hield nieuw aangekomen klanten rustig. Ik weet niet meer hoeveel omzet we maakten, wel dat we die dag de twee ingezette kassa’s om het uur moesten ‘afromen’ omdat er anders teveel papiergeld in zou zitten. Want ja, ook pinpassen en creditcards waren onbekend, in die tijd. Ik heb daar geen tijd voor gehad, maar het moet een geweldig gezicht zijn geweest, van buitenaf, al die schaatsgekke kopers én verkopers in ons verkoopcarrousel! Alsof het warenhuis verder niet bestond! Geweldige dagen die ik me dan ook, na al die jaren, nog zó voor de geest kan halen.
Blijkbaar vond mijn directeur dat ook, want ‘toevallig’ moest ik een paar weken later op audiëntie in Groningen. “Of ik beslist een ‘locale grootheid’ wilde blijven”, zoals hij dat uitdrukte, of mijn kansen op landelijk niveau wilde grijpen! Nou, daar hoefde ik zelf niet zolang over na te denken en vrouwlief stemde ermee in. Na in het voorjaar spitsroeden gelopen te hebben in de jaarlijkse vergadering van BV-directeuren (36, in die tijd!) hoorde ik vanaf die zomer tot de ‘Jongerencommissie’, de kweekvijver van wat later het Vendex concern zou worden. Tja, en dat betekende een plaats als regio-inkoper in Rotterdam, én een plotsklapse verhuizing naar het westen. Dat werd, omdat dáár (Ridderveld) heel veel huizen beschikbaar waren, Alphen aan den Rijn. De plaats die we alleen maar kenden van de TV spelletjes, maar waar we nu, wel vier huizen verder, inderdaad al bijna veertig jaar wonen.
Als de vorst dat jaar was weggebleven had ons leven er ongetwijfeld heel anders uitgezien. En was dit blog nooit geschreven.
Reinder Koornstra, geboren in 1947 in Friesland, woont sinds 1972 in Alphen aan den Rijn. Hij is retailplanoloog en bemoeit zich met de planning van winkelcentra. Hij schreef boeken en artikelen over CRM, Marketing Communicatie en New Media. Hij was al jong bedrijfsleider bij Vroom & Dreesmann, werd uiteindelijk divisiedirecteur bij een groot farmaceutische bedrijf en had een telemarketing bedrijf. Werkte daarna twintig jaar als docent en onderwijsontwikkelaar aan Avans Hogeschool in Den Bosch. Hij is getrouwd met Hiljonda, heeft drie kinderen en vijf kleinkinderen Hij was ooit lid van het bestuur van het buurtcentrum Ridderveld, redacteur van de buurtkrant, secretaris van De Alphense Watervrienden en bestuurslid van de Alphense Sportraad. Landelijk was hij actief als voorzitter van de Sales Management Association, in commissies van het Nederlands Instituut voor Marketing en als projectleider Nima opleidingen bij het ISBW. Ook was hij jaren bestuurslid van welzijnsorganisatie 'Lava Team' in Drunen. Hij was vijf jaar politiek actief voor LA / AS en heeft twee perioden in de gemeenteraad gezeten. Nu gaat hij zich weer richten op wetenschappelijk onderzoek en het adviseren van gemeenten, projectontwikkelaars en winkeliersorganisaties op het gebied van retailplanologie.
Reinder is sinds januari secretaris van de lokale omroep AlphenStadFM/TV en sinds februari ouderling in de gemeente Adventskerk. Hij is lid van het koor Min Ghesellen o.l.v. Simon Stelling in Nieuwkoop.
Daarnaast schrijft hij boeken en artikelen over zijn vakgebied
De tweede editie van zijn boek "Marketing voor Retailers" kwam in maart 2011 uit.
GertuitAlphen schreef,
02/02/2012 om 21:13
Reinder,
Eindelijk een keer aangenaam verrast. De verkoopchef die jij beschrijft wordt gemist.
Winkeliers zoals jij beschrijft wordt gemist bij de V&D van nu. De huidige verkoopmanagers zitten te vaak achter hun beeldscherm terwijl ze beter tussen de schappen door kunnen lopen. In spelen op de vraag is een kunst. Juist op die manier krijg je mensen in je toko. Toegegeven jouw opvolgers worden vaak in een keurslijf gedwongen.
Dit probleem speelt overigens niet alleen bij de grootwinkelbedrijven. Ook de zelfstandige detaillisten (let op de naamsverandering) zijn zo flexibel als een deur, ze kunnen open en dicht. Nooit eens vernieuwend, nooit eens spontaan, te vaak op veilig. Dus niet spannend.
Uit een leeg schap kun je niets verkopen.